20e   Blues  Festival   Kwadendamme

 

Locatie: Tent Voetbalveld, Sportlaan 9 – Kwadendamme

12 mei 2012 – publiek: 1200 (uitverkocht)

 

Wegens verplichtingen elders moesten wij ons dit keer beperken tot de zaterdag. Wel een super zaterdag met een geweldige line-up. Al voor aanvang heerst er een prettige sfeer, die zo herkenbaar is voor Kwadendamme. Bovendien heeft het weerzien van vele bekenden een reünie-achtig karakter.

 

Rond een uur of één openen The Veldman Brothers de bluesdag met het nummer ‘2 Times 360’. “Die band moeten ze als laatste laten optreden” hoor ik rondom mij zeggen. Wat is er mooier dan te beginnen met één van Nederlands beste blues bands? Winnaar van de Dutch Blues Award 2011 en maar liefst drie bandleden genomineerd. Naast het openingsnummer worden we getrakteerd op songs van de nieuwste cd die op 25 mei 2012 wordt uitgebracht. Hun repertoire is zoals altijd goed opgebouwd waarin pittige songs worden afgewisseld met slow blues. In ‘Need To Know’ verstaat Bennie Veldman de kunst om zowel Hammond als bluesharp te spelen. ‘Saw You There’ en ‘Leavin’ van de cd SpreadinAround zijn tijdloze nummers die nooit vervelen.

 

Tijdens de ombouwpauze is er op Juke Joint stage een optreden van Ben Prestage (voc/gtr). Het is er erg druk en aangezien ik Ben vaak heb zien spelen beperk ik me nu tot luisteren en dat is een waar genoegen.

 

Sean Carney (voc/gtr) heeft zichzelf een jonger aanzien gegeven door zijn haren te kleuren. Bovendien heeft hij ontdekt dat geld verdienen in Europa een stuk gemakkelijker gaat dan in de Verenigde Staten en daar profiteren wij dan weer van. Als je dan ook nog Omar Coleman (voc/hca) uit Chicago meeneemt heeft dit absoluut meerwaarde. “Jou had ik hier wel verwacht” zo spreekt de immer nonchalant ogende Omar mij aan. Carney opent rustig om daarna het tempo flink op te schroeven. Wanneer Omar zijn intrede op het podium doet verandert de stijl iets meer richting Chicago blues met songs van Jimmy Reed en ‘Very Lucky Man’ van hun gezamenlijk opgenomen cd.

 

Dwayne Dopsie heeft zijn originele Zydeco Hellraisers niet compleet. Drummer Calvin Sam en wasbordspeler Alex MacDonald zijn vervangen door Kevin Minor en Paul Lafleur. Het spel is er niet minder om en ook Dwayne’s zweetdruppels niet, die hij als een douche boven mijn kapsel uitschudt. De stijl van Dwayne (voc/acc) heeft niet veel meer te maken met de zwoele zydeco klanken van zijn (overleden) vader RokinDopsie. Successievelijk maken de Swamp klanken plaats voor een heftig rockritme. Opzwepend is het nog altijd en in een mum van tijd krijgt Dopsie het publiek aan het dansen. Saxofonist Reggie Smith die aanvankelijk rechts in de hoek van het podium niet erg opvalt, neemt het heft in eigen handen en moedigt Dwayne aan door te gaan met zijn dolle capriolen.

 

Voor het Britse duo Tommy Allen (voc/gtr) & Johnny Hewitt (voc/hca) ook op Juke Joint stage, ben ik op tijd aanwezig. Zij zijn voor de eerste keer in Kwadendamme en ik mag hopen niet voor de laatste keer. Wat een verrukkelijke set van deze twee getalenteerde heren.

 

Bekende gezichten op de bühne. Jan de Bruijn (gtr), Bart Kamp (bgtr) en Ronald Oor (dms) is de ritmesectie van de totaal onbekende zangeres Lady A die samen met haar broer John Oliver (keyb.) het podium deelt. De zangeres maakt meer indruk door haar vlotte verschijning dan met haar stemgeluid. Haar zang is niet slecht maar erg bijzonder is het ook niet. Ze opent met ‘Blue In The Key Of Me’ en zet daarna Robert Johnsons ‘Bring It On Home To Me’ in. De energieke dame is een echt podiumdier en weet met het bekende Beatle nummer  Come Together’ de tent plat te krijgen. Lady A ziet er keurig verzorgd uit in haar zwarte japon, zilverkleurige pumps, die ze al snel uittrapt en gelijkkleurige sierraden. Op haar setlist staan zestien songs die ze allemaal afwerkt. Ze maakt soepele bewegingen en schroomt daarbij niet om de microfoon voor haar kruis te hangen!

 

Gejuich alom wanneer The Juke Joints optreden. De band is immens populair en niet alleen in thuis provincie Zeeland. Het leuke zit in de veelzijdigheid. Een slagwerker die zijn drumstokken verruilt voor de mandoline is toch uniek. Natuurlijk spelen ze nummers van de cd ‘Going To Chicago’. Tja wat valt er nog van dit super kwartet te vertellen. Altijd leuk, levendig en verfrissend.

 

Het zit Kenny Neal  behoorlijk tegen. Twee uur vliegvertraging en op de nipper aanwezig. Bovendien mocht vanwege het budget neef Tyree Neal niet meekomen. Vrijwel meteen gaat het mis met een versterker die slecht functioneert. Het multi talent gaat over op mondharmonica totdat het euvel is verholpen en hij op zijn verveloze Fender Telecaster verder gaat. Kenny’s set is vrij voorspelbaar. Naast de Swamp blues komen klassiekers als ‘Since I Met You Baby’ en ‘The Things I Used To Do’ voorbij. Lady A is intussen, weliswaar op de achtergrond van het toneel, aan het dansen maar popelt om een liedje mee te zingen. Kenny snapt de hint en wenkt haar naast hem te komen om gezamenlijk een song te zingen.

 

Aan The Nimmo Brothers de eer om het 20e Kwadendamme blues festival af te sluiten. Zij doen dat met een portie stevige bluesrock. Aangezien wij nog een paar uur rijden voor de boeg hebben besluiten we de show niet helemaal uit te zitten. De inzet van de zaterdag was in een woord geweldig. Artiesten, vrijwilligers en organisatoren hebben enorm hun best gedaan om alles te laten gaan zoals het ging, namelijk prima. Van geluid tot catering alles was dik in orde. Geen enkel min puntje? Nee helemaal niet, op naar 2013.

 

Nanny Kajuiter